Gent is aantrekkelijk om te wonen maar jammer genoeg vinden alsmaar minder mensen een betaalbare en kwaliteitsvolle woning in de stad. Jonge gezinnen trekken naar de rand, krotwoningen worden aan woekerprijzen verhuurd en voor sociale woningen is het nog altijd lang wachten.

De stad heeft de laatste jaren veel ingezet op wonen en maar er is nog veel werk. Het zou naïef zijn te stellen dat we dit probleem met één goed idee kunnen oplossen. Het is niet alleen een werk van lange adem dat nieuwe en innoverende oplossingen vergt, woonprobleem wordt ook voor een groot deel bepaald door de private markt, en dus is het niet altijd zo evident om als stadsbestuur in te grijpen.

Ondanks dit alles zijn er toch verschillende zaken waarop een stad kan inzetten als het over betaalbaar en kwalitatief wonen gaat.

Eerst en vooral zijn er de verplichte normen  bij nieuwbouwprojecten. Zoals er reeds een verplichting van 20% sociale woningen is bij grote projecten vanaf 50 woningen, zouden we ook een norm voorop kunnen stellen die stelt dat 25%  van de nieuwbouwwoningen in de kernstad gezinswoningen moeten zijn.

Natuurlijk kunnen we niet blijven bijbouwen. We willen alsmaar meer groen en open pleinen in de buurt. Bijbouwen blijft dus geen optie, we moeten ook kijken naar wat we hebben en hoe we dit beter en efficiënter kunnen invullen.

Daarom moet er ingezet worden op nieuwe woonvormen en alternatieve eigendomsstructuren zoals coöperatieven, co-housing, kangoeroewonen en Community Land Trust. De stad moet juridische en praktische bijstand geven aan bewonersgroepen die hierin geïnteresseerd zijn en zo deze woonvormen stimuleren bij haar inwoners.

Verder is het onaanvaardbaar dat in een stad als Gent waar de vraag naar betaalbare woningen zo hoog is, kostbare bouwgronden braak blijven liggen. Daarom moet de heffing op onbebouwde percelen omhoog per jaar dat de grond niet bebouwd is. Dit zal er voor zorgen dat deze sneller vrij komen voor de realisatie van nieuwe woningen.