Het OCMW Gent geeft al sinds 2016 aanvullende financiële hulp aan mensen met een leefloon die daarvoor in aanmerking komen. Immers: met een leefloon kan je in ons land nauwelijks menswaardig leven. De Gentse ‘pluspremie’ maakt die kloof kleiner, een uniek lokaal initiatief dat ondertussen al hier en daar werd gekopieerd. In Gent zelf werd het sinds 1 mei zelfs uitgebreid voor elke Gentenaar met een zeer laag inkomen, los van zijn statuut. Maar dat het überhaupt nodig is, is eigenlijk triest zeggen Rudy Coddens en Emilie Peeters. “Dit soort systeem van aanvullende financiële hulp zou niet afhankelijk mogen zijn van waar je woont maar voor álle Belgen moeten gelden. Het eerste werk voor de volgende federale regering?”

15,5% van de Belgen behoort tot de groep met een armoederisico. Dat lijkt logisch, als je weet dat een leefloon voor een alleenstaande maar 940 euro is, en maar 1.270 euro voor een persoon die samenwoont met een gezin ten laste. Logisch, maar helemaal niet ok: van die bedragen kan je nauwelijks menswaardig leven.

Gentse ‘pluspremie’ om kloof te dichten

Daarom nam het Gentse OCMW in 2016 het initiatief om Gentenaars met een leefloon of een invaliditeitsuitkering aanvullende financiële hulp te geven. Het bedrag wordt berekend rekening houdend met het beschikbare inkomen in het gezin en met de uitgaven om menswaardig te kunnen leven (de reële huurkost, de geschatte kosten voor de kinderen, voor voeding, voor gezondheidszorg, …). Een ‘pluspremie’ zeg maar, die het leven voor veel mensen menswaardiger maakt. Het is geen toeval dat Kortrijk (Philippe De Coene, sp.a) dat initiatief al overnam en dat Antwerpen (Tom Meeuws, sp.a) binnenkort haar eigen ‘klimpremie’ lanceert…

Ondertussen wordt de groep mensen die extra zorg nodig heeft zelfs zienderogen groter door de coronacrisis. Het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst (dat binnen het OCMW oordeelt over individuele hulpvragen) kreeg in april 2020 van 90% meer mensen de vraag om financiële steun – interimarbeiders, horecamensen, werkstudenten, freelancers uit de cultuursector en technisch werklozen die voor de crisis nét rondkwamen, maar nu de huishuur en ziektekosten niet meer kunnen betalen.

Daarom werd de uitbreiding van de groep rechthebbenden, die al voorzien was, versneld ingevoerd: sinds 1 mei krijgt iedereen met een te laag inkomen een aanvullende financiële hulp van gemiddeld 100 euro per maand (ook in dit geval rekening houdend met de hogervermelde voorwaarden).

Federale regering: veralgemeen aanvullende financiële hulp!

Voor al die mensen maakt de pluspremie van de Stad Gent een wereld van verschil. Maar uiteindelijk is dat niet meer dan een soort ‘symptoombestrijding’. Aan de basis ligt het feit dat de minimuminkomens voorzien door de federale overheid onvoldoende zijn om een menswaardig leven te leiden. In een welvarend land zoals het onze is dat ronduit beschamend.

Iedereen heeft nu de mond vol over hoe we niét terug kunnen naar business as usual eens de crisis achter de rug is; dat we lessen moeten trekken uit de impact ervan. ‘Never waste a good crisis’, #beternacorona. Wel: het allereerste wat de volgende federale regering moet doen, is werk maken van een systeem van aanvullende financiële hulp voor élke Belg in armoede, in plaats van te rekenen op de lokale overheid om daar voor te kiezen. Dat staat trouwens al twee opeenvolgende verkiezingen in zowat alle verkiezingsprogramma’s. Tijd om het ook te doén. Want het kan natuurlijk niet dat het afhangt van de stad waar je woont of je kan overleven of niet. Elke Belg gelijke rechten, dat zou evident moeten zijn.

De pluspremie kan op korte termijn worden aangevuld met een huurpremie voor iedereen die op de wachtlijst staat voor een sociale woning (Vlaanderen), meer sociale toeslagen op het groeipakket zodat gezinnen die het moeilijk hebben meer ademruimte krijgen, en het vlotter toekennen van het sociaal tarief voor internet/telefonie en nutsvoorzieningen.

De bal ligt voor open doel…

Rudy Coddens, schepen van Armoedebestrijding

Emilie Peeters, Politiek Voorzitter sp.a Gent & lid BCSD Gent